Een verslag van een bijeenkomst met Alexander Lauterwasser
Door Jeannette van der Schuit
Op 25 maart 2006 vond in de abdij ‘Rolduc’ in Kerkrade een symposium plaats over het thema water met Alexander Lauterwasser. Het thema luidde “water-klankbeelden en chladnische klankfiguren”.
Als wetenschapper/onderzoeker houdt Lauterwasser zich al jaren bezig met onderzoek naar de reactie van water op geluid. Bij het blootstellen van water aan geluid, aan bepaalde frequenties ontstaan er in water allerlei patronen, met een zeer grote geordendheid. Deze patronen lijken vaak sterk op allerlei patronen die je ook in de natuur tegenkomt b.v in bepaalde bloemvormen of in de tekening van bepaalde dieren.

De natuuronderzoeker Ernst F.F. Chladny (1756-1827) bracht een met fijn zand bestrooide glasplaten door middel van een strijkstok tot trillen en ontdekte het ontstaan van allerlei zeer regelmatig patronen, de zogenaamde Chladnische klankfiguren. Hiermee werd de vormgevende kracht van trillingen en klanken voor het eerst zichtbaar. Een Zwitserse arts Hans Jenny (1904-1972) deed experimenten met klank en vloeibare media zoals water. In een aantal boeken onder de naam ‘Kymatica’ (Grieks voor golf) laat hij beelden zien van allerlei klankvormen die zo ontstaan. Alexander Lauterwasser heeft deze klankvormen die kunnen ontstaan verder uitgewerkt en verdiept.
Een belangrijke vraag is voor hem de relatie met de morfogenese (het ontstaan) van organisme. In de vele afbeeldingen laat hij de vormscheppende processen van trillingen, klanken en muziek in het medium water zien. Daarmee laat hij ook de ordenende kracht van muziek zien. Hij onderzoekt dit alles op de volgende manier: op een zeer dunne metalen plaat staat een kom met water en hier doorheen wordt een bepaalde toon geleid of het geluid van een bepaald muziekinstrument b.v. de didgeridoo of strijk-kwartetmuziek. Met belichting en een kamera legt hij de verschillende beelden die ontstaan vast.
Het is verrassend om de vele mooi gevormde figuren te zien ontstaan. Allerlei zeer regelmatige patronen worden zichtbaar. Hieruit blijkt wel de enorme ontvankelijkheid en de expressiekracht van water. Op elke frequentie ontstaat weer een ander patroon. Hoge frequenties hebben een meer fijner patroon dan lagere frequenties.
Lauterwasser was op jonge leeftijd al gefascineerd door de patronen die je ziet bij schildpadden. In zijn experimenten werden ook uitgesproken patronen zichtbaar die op die van de schildpad lijken. Daarnaast ook patronen van andere dieren zoals de tijger of de giraf. Ook allerlei bloemenvormen worden zichtbaar. Vergelijkbare fenomenen kom je ook tegen bij de vorming van ijskristallen. Bekend is het boek van Masaru Emoto over waterkristallen. Deze Japanse onderzoeker werd gefascineerd door het fenomeen water en het ontstaan van ijskristallen. Het idee dat iedere sneeuwkristal die op aarde valt een andere vorm heeft, daagde hem uit tot verder onderzoek. Hij maakte vele foto’s van kristallen, die voor de kristallisatie aan verschillende invloeden werden blootgesteld. Ook het verschil tussen b.v bronwater of kraanwater werd door middel van het verschil in kristalstructuur zichtbaar.
Ook de invloed van muziek op de kristalstructuur werd onderzocht. Er ontstonden allerlei mooie kristallen bij de muziek van Bach of Mozart. Bij jazz of popmuziek was dat weer heel anders. Zelfs het uitspreken van bepaalde worden zoals liefde of haat lieten een hele andere structuur zien. Bij het woord liefde ontstaat een heldere kristalvorm, bij het woord haat een hele chaotische vorm.
Al deze fenomenen laten iets zien van de geheimen van water. Ook de samenhang van water met de menselijke ontwikkeling is belangrijk. Het embryo bestaat voor 99% uit water. In het volwassen menselijk lichaam is de hoeveelheid water 70%. Verder is ook 70% van de aardoppervlak is bedekt met water. Geen enkel levend wezen kan zonder water. Belangrijke kwaliteiten van water is zijn oplossend vermogen, zijn flexibiliteit, zijn aanpassingsvermogen en zijn onbaatzuchtigheid.
Water voor de aarde is zoals bloed voor de mens. Zoals het bloed het hart heeft als centrum, zo is de zon voor water het centrum. Zoals je spreekt van een bloedcirculatie van de mens zo spreek je ook van de circulatie van het water. Zo zie je een overeenkomst tussen microkosmos (de mens) en macrokosmos (het universum). Velen zijn tegenwoordig bezig met het revitaliseren van water.
Een belangrijke onderzoeker hierbij is John Wilkes. Hij ontwikkelde de zogeheten flow-forms. Dit zijn schalen dia zodanig vormgegeven zijn dat het water er niet recht doorheen stroomt, maar in een lemniscaatvormige golfbeweging komt. Deze flow-forms kan je in een cascade achter elkaar plaatsen. In proeven bleek dat ontkiemende zaden in dit gerevitaliseerde water veel meer wortels ontwikkelde dan in gewoon water.
Ook bij de bereiding van geneesmiddelen wordt gebruik gemaakt van water en wordt door middel van potentieren de energetische kant van een stof vrijgemaakt. Door lemniscaatachtige bewegingen wordt de stof weer in beweging gebracht en wordt daarmee de genezende kracht van een bepaalde plant vrijgemaakt. Water is daarbij de grote bemiddelaar, de bemiddelaar tussen aarde en kosmos. Zoals allerlei waterpatronen en ijskristallen kunnen ontstaan, zo komen in het gepotentieerde geneesmiddel de vormkrachten vrij die in een plant of metaal verborgen zitten.
Water is veel meer dan alleen maar H2O, het is een zeer bijzondere substantie die het leven op aarde mogelijk maakt.
Dit verslag werd eerder gepubliceerd in het zomernummer
2006 van Aurum.
Jeannette van der Schuit is arts in het Therapeuticum Aurum te Zoetermeer.